VVN Afdeling Eindhoven

 

Vernieuwde wegenverkeerswet in 2008/2009

Vragen en antwoorden; wegen, banden enz.

   "Wat is de twee seconden regel "                                       

De twee seconden regel is een regel voor het bepalen van een veilige afstand

tussen motorvoertuigen. Het is geen wettelijke verplichting.

Twee seconden regel toepassen:

Wanneer de auto voor u een vast punt passeert, bijvoorbeeld een boom, begint

u te tellen. Passeert u na de tweede tel hetzelfde punt, dan houdt u voldoende

afstand. Een afstand in meters zegt u weinig als u met honderd kilometer per uur

over de snelweg rijdt. Lengte is dan moeilijk in te schatten. In Nederland

gebruiken we geen markeringen op de weg om de veilige afstand aan te duiden.

Daarom is de twee seconden regel er.

Voordelen twee seconden afstand:

1.Minder ongevallen, dus minder kans op nekletsel of ander ernstig letsel;

  • 2. Minder ergernis en agressie;
  • 3. Betere doorstroming van het verkeer;
  • 4. G een boete;
  • 5. Minder kans op lakschade en ruitschade door opspattende steentjes;
  • 6. Meer zicht op de weg voor u;
  • 7. Iedereen zit meer ontspannen achter het stuur.

*In de spits is het vaak onmogelijk twee seconden tussenafstand aan te houden 

omdat andere automobilisten die vrije ruimte innemen. Als u bij druk verkeer iets

minder dan twee seconden afstand houdt, bent u dus niet in overtreding. U moet

dan wel extra alert zijn op plotseling remmend en invoegend verkeer. Bij regen of

slecht zicht is het raadzaam om meer dan twee seconden afstand te houden

------------------------------- -------------------------------------------------

Wat zijn de laatse veranderingen in de verkeerswet 2008/2009 ??

Nieuwe verkeersregels met ingang van 1 mei 2009;

 1. Mistlampen

Als de mistlampen aan de voorzijde van het voertuig branden, hoeft het dimlicht

niet gebruikt te worden.  Reden: Als de mistlampen en de dimlichten aan de

voorzijde van de auto tegelijk branden, bestaat de kans dat je verblind wordt

door de reflectie van je eigen dimlicht.

 2. Alleen passagiers vervoeren op échte zitplaats
U mag passagiers in de auto alleen vervoeren op een échte zitplaats, die gemaakt

is voor het gebruik door volwassenen tijdens het rijden. Passagiers mogen dus

tijdens het rijden niet zitten op een geïmproviseerde zitplaats of een zitplaats voor

gebruik bij stilstand, zoals een zitbank in een camper. Er zijn uitzonderingen,

bijvoorbeeld het vervoer van kinderen tot 1,35 meter. b.v. passagiers die gebruik

maken van een rolstoel. 

 3. Nieuw vlak op het wegdek: het puntstuk
In de nieuwe verkeersregels komt een nieuw woord voor: 'puntstuk'. Dit is een

vlak op het wegdek op de plaats waar wegen zich splitsen of bij elkaar komen.

Puntstukken mogen, net als verdrijvingsvlakken, niet gebruikt worden. Daarop is

één uitzondering. Als een puntstuk in een spitsstrook ligt, mogen de bestuurders

die deze spitsstrook volgen, over het puntstuk heen rijden. Reden: Het gebruik

van puntstukken, zoals voor parkeren of voor gebruik bij het in- en uitvoegen

op de autosnelweg kan onveilige situaties opleveren.     

  

4.   Aanhangwagens parkeren

Aanhangwagens, bestemd om door een motorvoertuig voortbewogen te

worden, mogen niet geparkeerd worden op het voetpad, het trottoir, het

fietspad, het fiets-/bromfietspad of het ruiterpad, ook niet als dat met de

hand gebeurt. Reden: Voor de verkeersveiligheid is het wenselijk op te

kunnen reden tegen fout geparkeerde aanhangwagens, ongeacht de wijze

waarop ze geparkeerd zijn.

5.   Hulpkoppeling voor de lichte aanhangwagen
Aanhangers tot een totaal maximum massa tot 750 behoeven niet

(meer) voorzien te zijn van een hulpkoppeling.  Na de 750 kg tot 1500 kg

heeft u een keuze, of hulpkoppeling of een losbreekreminrichring.

Boven de 1500 kg. losbreekreminrichting verplicht bij aanhangwagen.

 

 6. Zware kampeerauto's 80 kilometer per  uur                                                

Vanaf 1 mei 2009 mag u met een zware kampeerauto met een toegestane

maximum massa van meer dan 3500 kilo die afgeleid is van een vrachtwagen,

op autowegen en autosnelwegen niet harder rijden dan 80 kilometer per uur.

Vanwege de verkeersveiligheid geldt voor dit soort zware campers dezelfde

maximumsnelheid als voor gewone vrachtwagens.

 7. Instellen parkeerschijf alleen nog handmatig

Vanaf 1 mei 2009 mag u het tijdstip van aankomst op de parkeerschijf alleen

nog handmatig instellen. Een parkeerschijf met een mechanisme dat het tijdstip

van aankomst automatisch verschuift, mag u dus niet meer gebruiken. Ook moet

u vanaf 1 mei 2009 de parkeerschijf achter de voorruit van de auto plaatsen.

De parkeerschijf moet van buitenaf duidelijk zichtbaar zijn.

 8. Gehandicapten parkeerplaatsen en de parkeerschijf 

Sinds 2009 moet u op een gehandicaptenparkeerplaats waar met een bord een

maximale parkeerduur is aangegeven ook een parkeerschijf gebruiken. Zo wordt

tegengegaan dat hetzelfde voertuig te lang op een gehandicaptenparkeerplaats

staat. Gehandicaptenparkeerplaatsen met een maximale parkeerduur hoeven niet

voorzien te zijn van een blauwe streep.

 9. Oneigenlijk gebruik van de uitrijstrook op autosnelweg

Vanaf 1 mei 2009 moet u als u na het verlaten van de doorgaande rijbaan op een

uitrijstrook (uitvoegstrook) rijdt, deze uitrijstrook blijven volgen. U mag dus niet

meer de doorgaande rijbaan verlaten, via de uitrijstrook een file op de doorgaande

rijbaan inhalen en vervolgens weer invoegen.

                  

 10. Goedgekeurde verlichting op het voertuig     

Vanaf 1 mei 2009 mogen de lichtarmaturen van uw auto alleen het type lamp

hebben waarvoor ze zijn goedgekeurd. Gasontladingslampen (xenonlampen)

geven veel meer licht dan halogeenlampen. Om te zorgen dat er geen

weggebruikers door worden verblind, is het zeker voor gasontladingslampen van

belang dat zij alleen worden gebruikt in speciaal daarvoor bestemde armaturen.

 11. T-100 bussen   (veelal touringcars) 

De maximumsnelheid van T-100 bussen wordt op de autowegen dezelfde als op

de autosnelwegen, namelijk 100 km/uur.  Reden: Hiermee worden mogelijke

onduidelijkheden rond de maximumsnelheid van T-100 bussen weggenomen.

 

 12. Speciale dagrijlichten mogen aan                                                                     Bestuurders van een motorvoertuig mogen overdag dagrijlicht voeren. Reden:

Hiermee is het gebruik van dagrijlampen officieel geregeld.

 13. Bromfietsers 45 km/uur op de rijbaan (dus niet de snorfietser !!)

Op de rijbaan mogen bromfietsers en gemotoriseerde gehandicaptenvoertuigen

voortaan 45 km/uur rijden. Let wel op, want op het (brom)fietspad blijft de

maximumsnelheid voor bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen 30 km/uur

binnen de bebouwde kom en 40 km/uur daarbuiten. De maximumsnelheid

van de snorfiets blijft 25 km/uur.  Reden: Dat is veiliger, omdat deze snelheid

beter aansluit bij de snelheid van de auto’s op de weg.

 14. Tijdelijke verkeerstekens gaan voor

Tijdelijke verkeerstekens op het wegdek gaan boven de andere verkeerstekens

op het wegdek. Bij wegwerkzaamheden staan vaak tijdelijke verkeerstekens op

het wegdek. Die gaan boven andere verkeerstekens op de weg. Reden: Bij de

aanwezigheid van tijdelijke verkeerstekens op het wegdek was het voor de

weggebruikers soms niet duidelijk welk teken gevolgd moest worden.

 15. Erf

Verkeerstekens die een maximumsnelheid aangeven, gaan niet boven de

maximumsnelheid op een erf.  Reden: Hiermee wordt mogelijke

onduidelijkheid rond de geldende maximumsnelheid op een erf weggenomen.

 

 16. Matrixborden gelijk aan gewone verkeersborden                                          Elektronische verkeersborden (matrixborden) boven of naast de weg die

bijvoorbeeld een maximumsnelheid aangeven, hebben voortaan dezelfde

betekenis als 'gewone' verkeersborden. Maar staat er op het matrixbord

een andere maximumsnelheid dan op het verkeersbord, dan geldt het bord

met de laagste maximumsnelheid. Reden: Hiermee worden mogelijke

onduidelijkheden rond de geldende maximumsnelheid weggenomen,

bijvoorbeeld bij files en wegwerkzaamheden.

Matrixbord 2

Verkeersborden mogen op een elektronisch signaleringsbord worden

weergegeven. Reden: De weergave van verkeersborden op matrixborden

riep vragen op over de juridische status hiervan.

17. Snelheid aanhangwagen naar 90 kilometer per uur                                    

Vanaf 1 mei 2009 mag u met een personenauto of bestelauto die een lichte

aanhangwagen met een toegestane maximum massa van niet meer dan

3500 kilo trekt, op autowegen en autosnelwegen 90 kilometer per uur rijden.

                                                                                           

 18. Gemotoriseerde gehandicaptenvoertuigen

Op de stoep of het voetpad mogen gemotoriseerde gehandicaptenvoertuigen

niet harder rijden dan 6 km/uur. Dit in verband met de veiligheid van de

voetgangers. Reden: Het is veiliger als gehandicaptenvoertuigen op het

trottoir of voetpad niet sneller gaan dan de voetgangers.

 19. Skaters op de rijbaan

Skaters ook op het fietspad. Behalve op de stoep of het voetpad mogen

skaters voortaan ook op het fietspad. En als er geen fietspad of stoep is,

mogen skaters op de rijbaan. Reden: Hiermee krijgen skaters meer

mogelijkheden om zich te verplaatsen.

20.  Groene zwaailichten en universele sirene´s bij voorrangsvoertuigen.

Het groen zwaailicht wordt gebruikt door commandowagen  op ongevals plaats,

voor en door;  politie,  of brandweer, of medisch hulpteam.  De bemanning van het

aangewezen commando/hulpverleningsvoertuig ter plaatse neemt de coördinatie op zich,

het groene zwaailicht wordt dan ingeschakeld. De bemanning van dit voertuig is veelal

herkenbaar aan hun groene vesten, die over de reguliere werkkleding worden

gedragen. Het 2 toons universele geluidsignaal wordt stapsgewijs ingevoerd.

Voortaan zijn ook op voorrangsvoertuigen/hulpverleningsvoertuigen orange-gele

knipper of zwaailichten verplicht.  Op 01-01- 2014  is het geheel verplicht.

Vanaf 2009 is er een overgangsregeling.

21. Losse lampjes op fiets toegestaan vanaf  2008                                                    Naast vast licht op je fiets mogen losse lampjes nu ook! Losse lampjes mag je op het bovenlichaam bevestigen of aan kleding of tas en moeten goed zichtbaar zijn. Het licht mag bijvoorbeeld niet op de armen of benen. Verlichting is voor wit of geel en achter rood.    Verder moet het licht recht vooruit en recht achteruit schijnen en mag het niet knipperen.     Het licht moet branden als het donker is en bij slecht zicht overdag, bijvoorbeeld bij mist.

 

WEGEN BUITEN DE BEBOUWDE KOM:

Veel weggebruikers zien in hun omgeving de laatste tijd verschillende soorten

rijstrook-markeringen verschijnen. Door de vragen hieromtrent even een

schema van de rijstrook-soorten.Op die manier ziet u aan de opbouw van

de rijstrook op welke snelheid hierop MAXIMAAL gereden kan en mag worden.

Veelgestelde vragen over winterbanden:
Met dank aan de ANWB


Wanneer heb je winterbanden nodig?
Bij temperaturen lager dan ca. 7 graden Celsius zullen winterbanden beter gaan presteren dan zomerbanden omdat bij die laatste categorie de verharding van het rubber merkbaar wordt. Het soepel blijven van de winterband resulteert in een betere grip en een comfortabelere band. Een hardere band zal - net als een harde ophanging - op slecht wegdek eerder het contact met de weg doen verliezen. Met name bij het rijden in de sneeuw is de winterband superieur. Sneeuw is een echte kritieke rijomstandigheid waardoor zelfs het aanpassen van de snelheid bij een zomerband niet meer helpt. Bij het rijden op ijs presteert de winterband ook beter, maar wonderen mag je hier niet verwachten.

 
Zijn er landen waar winterbanden verplicht zijn?
In de Alpenlanden is er geen wet die de uitrusting van een voertuig met winterbanden voorschrijft. Wie echter op met sneeuw bedekt wegdek met ondoelmatige voertuiguitrusting (bv. zomerbanden) strand kan tot verantwoording worden geroepen. In de praktijk houdt dit in dat de politie wel handelend kan optreden als het overige verkeer in gevaar wordt gebracht of de doorstroming van het verkeer wordt belemmerd. Het argument ondoelmatige voertuiguitrusting kan ook gebruikt worden bij de bepaling van de schuldvraag bij verkeersongevallen. Dus hoewel winterbanden niet wettelijk zijn voorgeschreven is er wel een wettelijk kader met een strekking als een vereiste 'doelmatige voertuiguitrusting'.

Zijn winterbanden overbodig als je al sneeuwkettingen hebt?
Waarneer U met de auto op wintersport gaat is het gebruik van winterbanden sterk aan te bevelen. Met name brede banden met hoge snelheidscode presteren erg zwak op sneeuw, maar eigenlijk geldt dit voor alle zomerbanden. Met winterbanden kan ook het gebruik van sneeuwkettingen vaak langer uitgesteld worden. Gemonteerde winterbanden kunnen ook zorgen voor psychische rust. Verder kan het gebruik van zomerbanden nadelige gevolgen hebben voor de schuldvraag bij een eventueel ongeval.

Welke winterbanden moet ik nemen?
Neem banden in de voorgeschreven (standaard) bandenmaat. Heb je erg brede banden en grote velgen, dan is het verstandig te kiezen in de kleinst voorgeschreven bandenmaat met bijbehorende velgen. Bij gladheid geldt een breed contactvlak tussen band en wegdek als een nadeel. De keuze voor een bepaald merk winterband kan het beste plaatsvinden op grond van een winterbandentest. Kies de band die goed scoort op de eigenschappen die het belangrijkst worden gevonden.

Van een collega kan ik een set winterbanden overnemen met de maat 195/70/R15. Mijn huidige bandenmaat is 195/65/R15. Kan ik deze zonder problemen laten monteren?
In dit geval is het niet verstandig deze maat te monteren vanwege een verschil in de afrolomtrek. Dit is van belang om de door de fabrikant geconstrueerde eigenschappen van de auto (acceleratie, topsnelheid, toerental van de motor bij een bepaalde snelheid, aanwijzing van de snelheidsmeter) geen geweld aan te doen. De ANWB adviseert om bij de montage van een alternatieve bandenmaat te zorgen dat het verschil in afrolomtrek maximaal -2.0% of + 1,5 % is. Controleer de banden zorgvuldig op beschadigingen en profieldiepte. Wanneer de profieldiepte minder is dan 4 mm is het effect van een winterband te verwaarlozen. Voor meer info over een alternatieve bandenmaat bel de Auto Advieslijn: (070) 314 50 00.

Er wordt mij aangeraden een extra set velgen aan te schaffen bij mijn nieuwe winterbanden. Is dat nou écht nodig?
Ja, aparte velgen is een verstandig idee. Het monteren en demonteren van de band is niet goed voor de band. Bovendien bespaart u op de kosten voor balanceren en ventielen door aparte velgen te gebruiken. Wij raden u wel aan de velgen te markeren zodat deze altijd weer op dezelfde plek gemonteerd kunnen worden.

Ik ben op zoek naar een extra set stalen velgen om winterbanden op te monteren. Nu ben ik op de sloop een paar 15 inchvelgen tegengekomen die ogenschijnlijk lijken te passen. Moet ik nog ergens op letten?
De ANWB adviseert om velgen specifiek bestemd voor uw auto te kiezen. De velg moet de juiste velgdiameter en breedte hebben. Verder is ook nog van belang dat de steek(cirkeldiameter) en de ET-waarde (einpresstiefe) ofwel wielbolling niet afwijken. Een afwijkende velg heeft nadelig invloed op het weggedrag en stuurkarakter van de auto. Ook kunnen de wiellagers zwaarder belast worden.

 

 

Site Map | Contact | ©2006 VVN Afdeling Eindhoven |Platier ICT